untitled

 

 

HET VERLANGEN VAN GODS HART

 

De Heer heeft altijd al een verlangen gehad om bij de mens te zijn.
We zien dit in Genesis waar hij wandelde in de hof.
Daarna trekt God op met de Israëlieten
en verschijnt hij in de tent der samenkomst,
later in de tempel van Salomo en uiteindelijk
komt Hij zo dicht bij ons dat Hij letterlijk in ons
komt wonen door de inwoning van Heilige Geest.

Aan Gods zijde heeft het nooit gelegen om in
Zijn tegenwoordigheid bij ons te willen zijn.
Hij was het die zichzelf vernederde en een mens werd om uiteindelijk
het hart van de mens terug te brengen tot het hart van de Vader.
Maar hoe zit het met ons? Geven wij Hem de verlangens van Zijn Hart?

Het hart van Mozes was anders.

Tijdens de reis van de Israëlieten van Egypte naar het beloofde land
twijfelden zij voortdurend of God dan wel of niet met hun mee was.
Ex 17:7  Ex 32:7-8  Ook al zagen ze dagelijks Gods werken
en maakten ze grote wonderen mee, was dit niet voldoende reden
om de Heer te volgen.
Voortdurend neigde hun harten zich af van de Heer.
Uiteindelijk maakten ze hun eigen god en bogen ze zich neer
voor het gouden kalf,
waardoor ze de woede van God over zich haalden.

Exodus 33:2-3 Ik zal een engel voor u uit laten gaan.
De kanaanieten, Amorieten, Hethieten, Perizzieten, Chiwwieten en
Jebusieten zal ik voor u verdrijven, en Ik zal u brengen naar een land
dat overvloeit van melk en honing.
Maar zelf trek Ik niet met u mee, want u bent zo'n halsstarrig volk
dat Ik u onderweg zou kunnen vernietigen.

Exodus 33:12-16 ......De Heer vroeg toen:
Moet Mijn aangezicht met u meegaan en moet Ik u rust geven?
Mozes antwoordde: Als uw aangezicht niet meegaat,
laat ons dan niet van hier vertrekken.
Hoe is het anders duidelijk dat ik en uw volk uw gunst genieten,
tenzij doordat U met ons meetrekt?
Ik en uw volk nemen toch een bijzondere plaats
in onder alle volken op de aardbodem?

Het hart van Mozes was in eerste instantie gericht
op de tegenwoordigheid van God.
Hij zei: Heer een engel is niet voldoende -is een vertegenwoordiger van God-
ik hoef het beloofde land niet, ik hoef al uw zegeningen niet,
ik sterf liever in de woestijn met al zijn ellende dan te gaan zonder Uw tegenwoordigheid. 

Mozes was gefocust op Zijn tegenwoordigheid omdat Hij wist
dat alleen Gods tegenwoordigheid het is die het volk zo bijzonder
maakte en onderscheidde van al de andere volken van de wereld. 

Christenen worden onderscheiden en verschillen
van de rest van de wereld,
niet omdat ze ergens in geloven maar doordat
Zijn tegenwoordigheid onder hun is.
Helaas maken wij ons, als christenen vaak schuldig
omdat wij geen onderscheid maken tussen Zijn zegeningen
en Zijn tegenwoordigheid.
 

De Heer wilde de Israëlieten ondanks, dat Hij persoonlijk
niet meer mee ging nog steeds zegenen.
Het feit dat God ons persoonlijk zegent wil nog niet zeggen
dat we op de juiste plaats zijn aangekomen. 
De Heer kan ons zelfs in ons persoonlijke beloofde land brengen,
terwijl Zijn aangezicht verre van ons is. 

Als we onszelf onderzoeken en bijv. kijken naar onze gebedstijd,
zien we dat deze vaak, voornamelijk bestaat uit het opzenden
van onze verlanglijstjes.
We gaan met Hem om alsof Hij een soort sinterklaas is.
We zoeken zijn zegeningen en willen al Zijn beloften ontvangen,
maar vergeten vaak Zijn aangezicht te zoeken. 

Ex 33:9, 11 En als Mozes dan binnen was, daalde de wolkkolom
-beeld van de tegenwoordigheid van God- neer en bleef staan
boven de ingang van de tent, Dan sprak de Heer tot Mozes.
11 De Heer sprak dan tot Mozes van Aangezicht tot aangezicht,
zoals een mens spreekt met zijn vriend.

Mozes kwam eerst in de tegenwoordigheid van God.
Vanuit deze plaats ontwikkelde hij een diepe
intieme vriendschap met God. 

Bij Mozes was het een dialoog bij ons meestal een monoloog.
Wij zijn aan het woord en de Heer luistert.
Mozes kende de Heer niet alleen als persoonlijke vriend,
maar de Heer kende Mozes ook als vriend.
Daarom veranderde de Heer zijn plannen tegen het volk,
terwille van Mozes. (Ex.33:17)

Meestal zien wij de Heer wel als vriend,
we kunnen zelfs de diepten van ons hart met Hem delen,
maar kent de Heer ons ook als persoonlijke vriend?
Kan Hij de diepten van Zijn hart ook met ons delen?

Het kost ons vaak moeite werkelijk tijd te spenderen
in de meest belangrijke relatie,
die met de Heer. Onze hart is vaak zo vol met allerlei bezigheden,
dat we maar met moeite stil kunnen worden.
Als we luisteren naar de Heer in onze stille tijd, en al in staat zijn
om onze gedachten rustig te krijgen,
is en blijft het vaak ook nog eens akelig stil. 

Joh 10:1-27 zegt dat de schapen de stem van de Herder kennen.
Wanneer het in onze stille tijd, " stil " blijft  ligt het probleem 
dus niet in het feit dat we niet weten wanneer de Heer spreekt
 of dat het onze eigen gedachten zijn.
Als de Heer spreekt dan weten we dat van nature omdat
we Zijn stem zouden herkennen. Waar ligt het probleem dan? 

Psalm 84:3 Ik wordt verteerd door heimwee naar de voorhof
en de tempel van de Heer.
Met heel mijn wezen schreeuw ik het uit van heimwee naar de levende God.

Jes 29:12 Dan zult gij Mij aanroepen en heengaan en tot Mij bidden,
en Ik zal naar u horen; dan zult gij Mij zoeken en vinden,
wanneer gij naar Mij vraagt met uw ganse hart.
Dan zal Ik Mij door u laten vinden,
luidt het woord des Heren en in uw lot een keer brengen. 

Ps 27:8 Van Uwentwege zegt mijn hart:
Zoekt Mijn aangezicht. Ik zoek uw aangezicht Here. 

God wil de diepten van Zijn hart met Zijn kinderen delen.
Hij wil tot ons spreken en een diepe relatie met ons opbouwen,
maar hij doet dat bij hun die werkelijk naar Zijn aanwezigheid zoeken.
Wil je meer van de tegenwoordigheid van God?
Dan zul je Hem op een diepere intensere manier moeten zoeken.
Hij zal Zijn hart meer met ons delen naarmate we Hem meer zoeken.

Er wordt gezegd dat Johannes de boezemvriend was van Jezus,
maar zou dat betekenen dat Jezus Johannes voortrekt boven
de andere discipelen?
Ik geloof niet dat Jezus voortrekt maar wel dat er verschil is
in de diepte van de relatie met Jezus. 

De mate van openbaring en beleving van de liefde van de Heer
wordt bepaald door de mate van het zijn in Zijn aanwezigheid. 

De een heeft dus inderdaad een diepere vriendschap
met de Heer dan de ander. 
Het was Johannes die aan de boezem van Jezus lag.
Waarom hij wel en de anderen niet?
Ik geloof omdat Hij veel van Jezus hield
en er voor koos om dichter bij Jezus te zijn.

Iemand anders die dicht aan de boezem van Jezus zat was Maria.
( Luc 10:38-42)
Martha was zo druk bezig met het bedienen dat zij niet begreep
dat Jezus Maria aan zijn voeten liet zitten. Wat zei Jezus toen?

Luc 10:38-42 .....Martha, Martha, gij maakt u bezorgd
en druk over vele dingen,
maar weinige zijn nodig of slechts Eén;
want Maria heeft het goede deel uitgekozen,
dat van haar niet zal worden weggenomen.

Met andere woorden Jezus zei tegen martha, zoek het beste deel.
Ook nu gaat Gods hart uit naar mensen die het beste deel zoeken.
Jac 4:5 zegt dat de Heer verlangt naar onze geest met jaloersheid.
Hij wil niet de tweede plaats hebben in ons leven.
Hij wil niet dat we andere "goden" aanbidden en meer navolgen dan Hem.
Hij verlangt naar ons zo intens, maar wacht wel totdat we werkelijk
ons hart aan hem overgeven.

Laten we kiezen voor het beste deel, en komen aan de voeten van Jezus.
Met een hart dat hongerig en dorstig is naar Hem zodat Hij Zijn hart
met ons kan delen.

 

 

[Door Ronald]

(god.in-actie.nl)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 



Web Hosting · Blog · Guestbooks · Message Forums · Mailing Lists
Allwebco Web Templates · Build your own toolbar · Accept Credit Cards · Audio, Fonts, Clipart
powered by a free webtools company bravenet.com