untitled

 

 

 

 

 

       

 

 

Psalm 91:1,2

 

Wie in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten,

vernacht in de schaduw des Almachtigen.

Ik zeg tot de Here: Mijn toevlucht en mijn vesting,

mijn God, op wie ik vertrouw.

 

 

We hoeven tegenwoordig de tv maar aan te zetten om overspoeld te worden met negativiteit.

We zitten in een enorme crisis, die zijn dieptepunt nog lang niet heeft bereikt enz.enz.

Velen hebben enorme bedragen verloren als gevolg van de beurscrisis, mensen verliezen hun baan en door dit alles wordt de onrust vaak groter en groter.

Maar wat krijgen we een heel ander beeld als we bovenstaande tekst eens heel goed lezen en tot ons door laten dringen. Dit geldt niet alleen in goede tijden, maar des temeer in donkere tijden.

Wat geeft het ons een rust als we beseffen, dat juist dan Gods Vaderogen op ons zijn en dat we mogen schuilen in Zijn schuilplaats en dat we niet onrustig hoeven wakker te liggen, maar dat we in Zijn schaduw rustig kunnen slapen.

Hij kent ons en ziet ons. Ook de problemen waar we in zitten en Hij zal ons niet aan ons lot overlaten, maar Hij zorgt voor ons, dag aan dag. Geeft dat geen enorme rust en vrede temidden van alle onrust die men ons probeert aan te praten? We zijn niet afhankelijk van mensen als we God aan onze zijde hebben en Hij heeft beloofd dat Hij ons niet zal verlaten, maar dat Hij ons dag aan dag draagt, in en door alles heen. In Zijn hand is ons leven veilig en geborgen. Hij bestuurt het hele reilen en zeilen in de wereld, tot de dag dat Jezus terugkomt en wij voor altijd bij Hem zullen zijn!

Maranatha!

 

 

 

 

 

 

Lezen: Marcus 10:17-27

'…want bij God is alles mogelijk. (vs. 27)'


Bij God worden rijken arm en armen rijk


Rijkdom, wie wil het niet? Sommigen proberen het via totoformulieren, loterijen of aandelen.
Dromen we niet allemaal zo nu en dan ervan rijk te zijn? Maar brengt rijkdom op zich echt geluk?

Jezus ziet juist een groot gevaar in de rijkdom.
Hij zegt dat een kameel nog eerder door het oog van een naald zal gaan
dan dat een rijke binnengaat in het Koninkrijk van God.
Gaan rijken dan verloren? Ja, als rijken alleen op de macht van het geld vertrouwen.
Toegang tot het Koninkrijk is echter niet te koop.
Toegang wordt geboden aan hen die groot van God denken en daardoor klein van zichzelf denken.
Zolang we groot zijn en groot denken van onszelf, is de poort voor ons te klein.
Maar let hier op Gods macht. Hij wil ons klein en arm maken, geschikt om zijn rijk binnen te gaan.
Willen we dat? Willen we onze dromen inruilen en onze rijkdom alleen in Christus zoeken?
 
oneway.nl

 

 

 

 

Hij heeft ons verlost uit de macht der duisternis en overgebracht

in het Koninkrijk van de Zoon Zijner liefde,

in wie wij de verlossing hebben, de vergeving van zonden.

 

Colossenzen 1:13

 

 

Als we deze tekst goed tot ons laten doordringen, zien we

dat hier de hele rijkdom van het evangelie is samengevat.

De overweldigende liefde van God voor de mens, dat Hij Zijn Zoon offerde

om ons te verlossen uit de greep van satan om ons in en door Zijn

daad van gehoorzaamheid vergeving van zonden te schenken.

We mogen zijn in het Koninkrijk van Jezus en wandelen in het licht,

standvastig blijvend in het geloof, totdat wij Hem zullen zien

 van aangezicht tot aangezicht.

 
 
 
 
 
 

 

"Met U immers loop ik op een legerbende in,

met mijn God spring ik over een muur."2 Samuël 22:30

Al zijn onze problemen zovele als een legerbende,
of zo hoog als een muur, met God aan onze zij
zijn we in staat ze te overwinnen.
 
 "Hiervan toch ben ik ten volle overtuigd, dat Hij,
 die in u een goed werk is begonnen,
dit ten einde toe zal voortzetten..."

Filippenzen 1:6
 
 
 
 
 
 
Lezen: Spreuken 11:25-30
 
"Wie vertrouwt op zijn rijkdom is een blad dat valt, een rechtvaardige komt tot bloei." (vs. 28)
 

 

Leven met God doet ons opbloeien

 

Tegenover het vertrouwen op eigen rijkdom stelt de spreukendichter het vertrouwen op God. Dat vertrouwen is het kenmerk van de rechtvaardige. Niet de eigen mogelijkheden en macht staan centraal, maar de macht en bedoeling van Gód! De rechtvaardige wil in woord en daad aan Gods macht en bedoeling beantwoorden. Zijn veiligheid ligt in het doen van Gods wil, dat is heel wat anders dan vertrouwen op eigen bezit. Het geeft ook een totaal andere manier van leven!

De spreukendichter zegt van zo’n leven dat het tot bloei komt: dat Gods bedoeling met ons menselijk leven erin aan het licht komt. Met tot bloei komen bedoelt de spreukendichter dat zichtbaar wordt waarvoor God ons geschapen heeft. Dat onze daden en woorden getuigen van liefde tot Hem en onze naaste.

Op wat of wie vertrouwt u?

 

 

 

 

 

 

God verlangt ernaar dat ons gehele hart naar Hem uitgaat.
Zomaar een kleine greep uit de vele teksten die daarover gaan.
 
met het hele hart ...

 

 ... God zoeken
Ik zoek U met mijn ganse hart, laat mij niet van uw geboden afdwalen. (Psalm 119:10)

 

 ... God loven
Ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik wil al uw wonderen verhalen. (Psalm 9:1)

 

 ... Gods Woord kennen
Geef mij verstand, dan zal ik uw wet bewaren, en haar van ganser harte onderhouden.
(Psalm 119:34)

 

 ... Gods geboden volgen
Ik houd uw bevelen van ganser harte. (Psalm 119:69)

Is dat ook jouw verlangen, om Hem met je hele hart toegewijd te zijn?


 

 

 

 © Maximum Life - http://www.manna-vandaag.nl

 

 

      
 

 

 

Bang voor reuzen?

In Numeri 13 en 14 lezen we het verhaal van de twaalf verspieders.
Ze zeiden dat het land buitengewoon goed was
Er werden in opdracht van God, door Mozes 12 mannen uitgezonden om het land Kanaän te verspieden.
God had hen dat land beloofden wilde dat ze zelf zouden zien hoe het land was.
Ze zagen al gauw dat het land buitengewoon vruchtbaar was en vol overvloed aan eten en drinken.
Maar toen ze de mensen zagen die er woonden schrokken ze: ze waren sterk en er woonden ook zeer grote mensen,de zogenaamde Enakieten. Toen kwam er tweespalt in de groep van 12.
Ze brachten Mozes verslag uit van alles wat ze gezien hadden.
De groep van 10 zei: "Er is weliswaar voldoende eten en drinken, maar de mensen die er wonen zijn zo sterk dat wij hen nooit zullen kunnen overwinnen.Wij zullen niet tegen hen kunnen optrekken, want zij zijn sterker dan wij.
Het hele volk hoorde dit en wat gebeurde er? Ze lieten zich door hen intimideren in plaats van te blijven vertrouwen,
dat God hen het land zou geven, hoe dan ook.

Daarna deden Jozua en Kaleb hun verhaal. Ze zeiden dat het land buitengewoon goed was én dat de Here,
indien Hij een welgevallen aan hen zou hebben, hen in dat land zou brengen.
Ze waarschuwden hen om niet opstandig tegen de Here te zijn en het volk van dat land niet te vrezen,
omdat de Here met ons is.
Maar de Israëlieten luisterden niet, maar wilden hen zelfs stenigen.
Hoe het afliep lezen we in hoofdstuk 14. Ze moesten 40 jaar in de woestijn blijven
en zouden het land Kanaän nooit binnengaan.
Alleen Jozua en Kaleb zouden het land Kanaän mogen binnengaan.

Soms komen wij in ons leven ook problemen tegen, die steeds groter schijnen te worden.
Zelfs zo, dat ons vertrouwen dat God ons ook hieruit zal redden, gaat wankelen.
We denken dan dat we het zelf moeten oplossen, hoewel dat een onmogelijkheid lijkt
en twijfelen dan of God wel in staat zal zijn te voorzien.
De groep van 10 ging ervan uit dat "wij" het moesten doen.
De groep van 2 ging er vanuit dat "God" het voor hen zou doen.
Dat is het hele verschil.
Als we het zelf willen oplossen, verliezen we, maar als we God het roer in handen geven
zullen we met Hem overwinnen. God staat altijd klaar om ons te helpen,
maar wij moeten wel helemaal op Hem vertrouwen en niet twijfelen aan Zijn Almacht.
Zou voor de Here iets te wonderlijk zijn?
Zie niet op de reuzen in uw leven, maar verwacht het van Hem,
Die alle macht heeft in de hemel en op de aarde.
En die grote God wil ook Uw leven besturen.
Durft u Hem het roer in handen te geven?

God zegene u.

 

 

Leef niet vanuit angst, leef vanuit geloof.
 
"Maar zonder geloof is het onmogelijk Hem welgevallig te zijn.
Want wie tot God komt, moet geloven, dat Hij bestaat
en een beloner is voor wie Hem ernstig zoeken."
 
Hebreeën 11:6

Zonder geloof is het onmogelijk Hem welgevallig te zijn.
We bidden vaak zo in de trant van: "baat het niet, dan schaadt het niet."
Maar zo wil God niet dat we tot Hem komen.
Ergens anders zegt de Bijbel: "wie twijfelt moet niet denken dat hij iets van God zal ontvangen."
Iets om ons eens goed af te vragen: als ik tot God bid, wat is dan de gesteldheid van mijn hart?
Geloof ik dat God mijn gebed zal verhoren, zoals Hij heeft beloofd?
Of bid ik met twijfel in mijn hart?
En ben ik dan nóg verbaasd, dat mijn gebeden niet verhoord worden?
"Want wie tot God komt, moet geloven, dat Hij bestaat
en een beloner is voor wie Hem ernstig zoeken."
We zeggen zo gemakkelijk: God is liefde, God is rechtvaardig, God is goed enz.enz.
Maar als we daarbij voorbijgaan aan het Woord, dat Hij gesproken heeft,
dan zijn dit allemaal loze kreten en zullen we niet ontvangen.
Maar als we wél in Hem geloven, dan zal Hij een welgevallen aan ons hebben en zal Hij ons belonen.
De keus is aan ons en ik bid, dat óók u (jij) de juiste keus hebt gemaakt, of nog zult maken.
Want dan zul je ervaren dat God een getrouwe Vader is, een Schuilplaats en een Schild.
Hij zal altijd met je zijn in elke situatie.
Zó groot is Zijn liefde voor jou en mij!

Durf jij dit avontuur met Hem aan te gaan?

 

Hij zal een teken zijn dat betwist wordt,
en zelf zult u als door een zwaard doorstoken worden.
Zo zal de gezindheid van velen aan het licht komen.

Lucas 2:34-35

De gezindheid van velen

Jezus ontmoeten betekent dat er gekozen moet worden.
Wat er in ons leeft komt naar buiten
in de confrontatie met de Zoon van God.
Wil ik Hem volgen en mijn kruis op me nemen?
Wil ik de pijn ondergaan die Maria moest ondergaan
vanwege de weg van haar zoon?
Ben ik bereid om, net als Jezus, mijn leven af te leggen
en me in volkomen gehoorzaamheid over te geven aan God?
Op weg gaan na Kerst betekent ook
gezelligheid en knusheid achter je laten,
jezelf verloochenen, je kruis op je nemen en zo steeds
meer gelijkvormig worden aan Jezus Christus.
Betekent dit nu dat het leven allemaal kommer en kwel wordt?
Helemaal niet, want als wij gelijkvormig worden aan het
lijden van Christus, worden wij ook gelijkvormig aan Zijn overwinning.
In welke situatie we ook komen te verkeren,
met Hem zijn we méér dan overwinnaars,
in Hem, die ons kracht geeft.

Als we ons dit bewust zijn en zó willen leven,
kunnen we dit nieuwe jaar vol goede moed ingaan.
Want Hij die in ons een goed werk is begonnen,
zal dit ten einde toe volbrengen.

Geprezen zij Zijn grote Naam:

Vader
Zoon en
Heilige Geest.

 

 

Eer aan God in de hoogste hemel
en vrede op aarde
voor alle mensen die hij liefheeft.

Lucas 2:14

Eer aan God

Op Kerst komen hemel en aarde bij elkaar.
Dat zie je als je kijkt naar de engelen.
En je hoort het als je luistert naar hun lied.
Het gaat om de eer van God.
De geboorte van Jezus, dat God in Hem
de aarde aanraakt, gebeurt tot Zijn eer.
Alles op aarde moet gericht zijn
op Zijn glorierijke grootheid!
Daarvoor zijn we als mensen gemaakt,
en daarom is ook Gods Zoon mens geworden.
Juist waar alles zich gaat richten op die eer van God
bloeit op aarde de vrede op en ervaren mensen
hoe lief hun hemelse God hen heeft.
Eer aan God.
En daardoor komt er vrede. 
Echte vrede is niet de afwezigheid van oorlog,
maar de aanwezigheid van God.
Allereerst in je eigen leven
en vandaaruit naar de mensen om je heen.

Ik wens je een fijne dag
in de vrede van de Heer!

 

 

 

 

 

 

De zaligsprekingen uit Matthéüs 5

 

 

Gelukkig zijn de armen van geest, want het Koninkrijk van de hemelen is voor hen bestemd.

Gelukkig zijn zij die verdriet hebben, want zij zullen vertroost worden.

Gelukkig zijn de zachtmoedigen, want de aarde is voor hen.

Gelukkig zijn de mensen, die ernaar hunkeren dat Gods wil wordt uitgevoerd, want zij zullen volkomen tevreden worden gesteld.

Gelukkig zijn de mensen met een liefdevol en helpend hart, want zij zullen zelf liefde ontmoeten en hulp ontvangen.

Gelukkig zijn de mensen die eerlijk en oprecht zijn, want zij zullen God zien.

Gelukkig zijn de mensen die vrede brengen, want zij zullen zonen Gods genoemd worden.

Gelukkig zijn de mensen die vervolgd worden omdat zij Gods wil doen, want het Koninkrijk van de hemelen is voor hen.

Gelukkig bent u als u beledigingen, vervolgingen, leugens en laster te verdagen krijgt omdat u bij mij hoort.

Wees er blij om en jubel het uit! Want in de hemel ligt een geweldige beloning voor u klaar.

Weest niet bevreesd

Waarom zijt gij bevreesd, kleingelovigen?
Matthéüs 8:26.

Als wij bevreesd zijn, is het minste wat we kunnen doen: bidden tot God;
maar onze Heer heeft het recht te verwachten dat zij
die Zijn naam gebruiken, een begrijpend vertrouwen in Hem hebben.
God verwacht van Zijn kinderen dat zij zoveel vertrouwen in Hem hebben,
dat Hij op hen aan kan in elke crisis.
Ons vertrouwen in God gaat tot op zekere hoogte,
dan vallen wij terug tot het primitieve paniek-gebed van hen die God niet kennen.
Wij zijn ten einde raad, terwijl wij duidelijk laten blijken niet het minste
vertrouwen in Hem en in Zijn wereldregering te hebben.
Hij schijnt te slapen en wij zien niets dan huizenhoge golven om ons heen.
"O, gij kleingelovigen!"
Wat een schok moet dat voor de discipelen geweest zijn: "Weer ernaast!"
En wat een schok zal het voor ons zijn, wanneer het eensklaps tot ons
doordringt hoezeer wij Jezus’ hart hadden kunnen verblijden
door absoluut vertrouwen in Hem te blijven stellen, wat er ook mocht komen.
Er zijn tijden in ons leven waarin geen storm is en geen crisis,
waarin wij menselijkerwijs doen wat wij kunnen;
maar wanneer er een crisis komt, dan blijkt onmiddellijk op wie wij vertrouwen.
Als wij geleerd hebben God te aanbidden en Hem te vertrouwen,
zal de crisis openbaren dat wij wel komen tot het punt van instorten,
maar dat ons vertrouwen in Hem toch niet instort.
Wat bedoelen we als we het hebben over heiliging? 
Het zou moeten uitlopen op rust in God, of wel één-zijn met God;
één-zijn dat ons niet alleen onberispelijk zal doen zijn in zijn oog,
maar dat ons ook zal maken tot een diepe vreugde voor Hem.

 

Bijna waren mijn voeten afgeweken,
bijna waren mijn schreden uitgegleden.

Psalm 73:2

Als ik dacht: Mijn voet wankelt - dan ondersteunde mij Uw
goedertierenheid, o Here.
Simon, Simon, zie, de satan heeft verlangd ulieden te ziften
als de tarwe, maar Ik heb voor u gebeden,
dat uw geloof niet zou bezwijken.
De rechtvaardige valt zeven maal, doch staat weer op.
- Wanneer hij valt, stort hij niet neer, want de Here schraagt
zijn hand.
Verblijdt u niet over mij, mijn vijandin:
al ben ik gevallen, ik zal weer opstaan;
Al zit ik in het duister,
de Here zal mij tot licht zijn.
- In zes noden redt Hij u, en in
zeven treft het kwaad u niet.
Als iemand gezondigd heeft,
wij hebben een voorspraak
bij de Vader,
Jezus Christus,
de rechtvaardige.
- Daarom kan Hij ook volkomen
behouden, wie door Hem tot God
gaan, daar Hij altijd leeft
om voor hen te pleiten.

Allereerst valt mij bij het lezen van deze teksten op,
dat er totaal geen sprake is van ook maar enige twijfel.
Wat er ook gebeurt, Jezus pleit voor ons bij de Vader.
We mogen vallen, we mogen het niet meer zien zitten
(in het duister zitten), ja zelfs als we gezondigd
hebben, zegt de Bijbel:
Jezus pleit voor ons.
Maar er is één ding wat we niet in ons hart
mogen toelaten en dat is
twijfel.
Twijfel aan de grootheid van God.
Al deze dingen kunnen ons overkomen,
maar als we zonder twijfel en
volkomen vertrouwen op God,
dan zal Hij ons uit al deze benauwenissen
uitredden.

Durf jij je zó aan Hem toe te vertrouwen?

 

Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel
en met heel uw verstand en met heel uw kracht.

Marcus 12:30 


 Hem liefhebben met alles

Aanbidding heeft alles te maken met liefhebben.
Want ware liefde uit zich in bewondering voor de ander,
in het onder de indruk en geraakt zijn door het unieke van de ander.
En omdat in onze liefde voor God heel ons wezen betrokken moet zijn,
geldt dat ook voor onze aanbidding.
We aanbidden met hart en ziel, helemaal van binnenuit, waar de Geest woont.
We aanbidden met ons verstand, want we verheugen ons over alles
wat we uit Gods openbaring mogen weten over God en Jezus.
We aanbidden met onze kracht, met ons lichaam,
met alles wat we in het dagelijks leven vanuit die kracht doen.
Want aanbidding is een levensstijl. 
Elke dag voor de volle 100%
aan Hem zijn  toegewijd.
Dit is wat God van ons vraagt:
dat ons hart volkomen naar Hem uitgaat.

Een onmogelijke opgave zeg je?
Zou God iets van ons vragen,wat we toch niet kunnen opbrengen?
Nee, dat geloof ik niet.
Maar als er in je leven nog zoveel andere dingen
om de voorrang strijden, dat je hier nog ver van af bent,
begin dan eens met je méér |naar Hem uit te strekken.
Laat Zijn Geest toe in je gedachten, in alles wat je doet,
en plaats Hem op de eerste plaats.
Dan zal ook jouw leven Hem voor 100% toegewijd zijn.

 

 
 
De drie bergen

Misschien hebt u in de vakantie genoten van een prachtig berglandschap.
Hebt u opgekeken naar die overweldigende bergmassieven en de daarbovenuitstekende bergtoppen,
glinsterend in de
helderwitte sneeuw.
Adembenemend vindt u ook niet?
Je proeft er zo de geweldige almacht van de Schepper, die dit alles geschapen
heeft.
Toch wil ik het hier niet met u hebben over de natuurlijke bergen, maar over de bergen, die soms verrijzen in ons
leven. Problemen, die we maar niet de baas kunnen. Een verleden, dat telkens maar weer naar voren komt.
Het is als een berg, die steeds groter en hoger wordt, net zolang tot we erdoor verzwolgen lijken te worden.
Misschien zijn er zonden in uw leven, die u maar niet kunt overwinnen: afgunst, jalouzie, haat, opvliegendheid,
hoogmoed, niet kunnen vergeven, enz.enz. Maar ook dingen, die ons door anderen zijn aangedaan niet kunnen
loslaten. Ook dat is zonde. Het vasthouden i.p.v. het aan Hem te geven, ja echt bij Hem te laten en dan in het
volste vertrouwen, dat Hij alles goed zal maken, verder te gaan.
Hoe vaak proberen we niet zelf die berg van problemen te beklimmen en de top te bereiken. En hoe vaak vallen
we weer? Echt, in eigen kracht zal het ons nooit lukken om die top te bereiken, want satan heeft overal valkuilen.
Als we niet op Hem ons vertrouwen stellen zullen we vallen en in het diepste dal terechtkomen. Maar als we op
Hem zien en Hem met ons hele hart vertrouwen, dan zal Hij de bergen vlak maken en de dalen opvullen.
Achter de berg van onze problemen staat de berg waar Jezus aan het kruis hing. Waar Hij al onze zonden, al
onze noden, al onze ziekten heeft gedragen. Hij heeft de eerste berg onder Zijn voeten vertreden: voor ons.
Hij heeft alles volbracht. Als de eerste berg in je leven te groot dreigt te worden, zie dan op naar de tweede berg:
daar waar Jezus alles heeft volbracht. Hij is in jouw plaats de weg van de eerste berg gegaan.
Jij hoeft die weg niet meer te gaan, maar je mag alles in dank aanvaarden, uit genade.
En als je dan over die tweede berg heen kijkt, dan zie je de derde berg: de berg Sion.
De berg, waarop Jezus eens zal weerkomen en wij voor eeuwig met Hem zullen zijn.
Als we zó naar de bergen kijken, dan zullen we boven onze problemen kunnen staan, in de wetenschap, Hij die
zegt: "Geef je last aan Mij" Heer is over ons leven. Er is niets wat Hij niet weet. Niets wat Hij niet ziet.
Hij vraagt alleen een hart dat volkomen aan Hem is toegewijd.
Dan zul je kunnen danken, ook voor de problemen, want je weet: Hij doet alle dingen medewerken ten goede, voor
degenen die Hem liefhebben. Zouden we dan nog ergens voor hoeven te vrezen?
Nee, dan wordt het woord waar dat zegt: "Verblijdt u te allen tijde", want God is altijd groter dan welke berg ook.
Wil je echt leven in Zijn vrijheid? Leg je leven dan in Zijn hand, niet een stukje ervan, maar helemaal.
God is niet tevreden met een half huis, maar Hij wil het hele huis, ook dat hele kleine kamertje dat al zo lang op
slot zit. Hij wil wonen in uw huis, deel uitmaken van uw leven.
Blijf niet langer ronddolen op de berg of in het dal, maar ga in op het aanbod dat Jezus u doet:

Matth.11:28-30
Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven;
neemt mijn juk op u en leert van Mij, want
Ik ben zachtmoedig en nederig van hart,
en gij zult rust vinden voor uw zielen;
want mijn juk is zacht en mijn last
is licht.
 
 
 
 
 
 
"Geeft dan uw vrijmoedigheid niet prijs,
die een ruime vergelding heeft te wachten"
 
Hebreeën 10:35
 
 
Ga staan in de vrijheid
 
Hoe vaak komt het niet voor, dat wij onze vrijmoedigheid prijs geven?
Ik denk aan bijvoorbeeld een aanbiddingsdienst of bidstond.
Je hebt het verlangen om te (aan)bidden, maar je doet het niet.
Of misschien in een gesprek met iemand, dat je weet dat je van de Heer
moet (mag) getuigen, maar je doet 't niet.
Dan heb je dus je vrijmoedigheid prijs gegeven.
Als je dan eens nagaat, wat de reden van je zwijgen is,
dan kun je een heleboel dingen aanvoeren:
ik wilde het wel, maar durfde niet
ik wordt er zo zenuwachtig van
wat zullen anderen er wel van vinden
ik kan niet zo goed uit mn woorden komen enz. enz.
Allemaal dingen die wel zo kunnen zijn, maar die voortkomen uit het feit,
dat we op onszelf gericht zijn i.p.v.
op de Heer.
Als Hij zegt: "Geef uw vrijmoedigheid niet prijs" ,
dan zal Hij ons ook helpen de juiste woorden te vinden.
Als we niet gaan staan in de vrijheid die we hebben gekregen in Christus,
dan zullen we nooit die vrijheid ervaren.
Als we blijven zwijgen, zullen we nooit ervaren wat het is,
om geleid te worden door de Heilige Geest.
Dan doen we Hem tekort, want Hem komt toe al onze lof en eer en aanbidding.
En Hij heeft ons de opdracht gegeven om van Hem te getuigen.
Er is geen excuus om te zwijgen, want Hij zegt:
"Ga staan, ja, ga staan in de vrijheid, die Ik u gegeven heb.
Dan zul je werkelijk vrij zijn."
 
Gods zegen
 
 
Beproeving  
1 Samuël 24:5 t/m 8
Toen zeiden Davids mannen tot hem:
Dit is de dag, waarvan de Here tot u gezegd heeft:
zie, Ik geef uw vijand in uw macht; doe met hem wat gij wilt.
David stond op en sneed ongemerkt de slip van Sauls mantel af.
Daarna bonsde Davids hart, omdat hij Sauls slip had afgesneden;
hij zeide tot zijn mannen: De Here beware mij ervoor, dat ik aan mijn heer,
de gezalfde des Heren, dit zou doen, dat ik mijn hand aan hem zou slaan;
want hij is de gezalfde des Heren.
En David weerhield zijn mannen door zijn woord;
hij liet hun niet toe Saul te overvallen.

Wat was het voor David gemakkelijk geweest om in te gaan op de woorden van zijn mannen.
Het lag zó voor de hand wat ze zeiden: de Here geeft hem in uw macht.
Maar David doorzag, dat dit niet naar Gods wil zou zijn.
Hij erkende dat Saul de gezalfde des Heren was en dat hij niet het recht in eigen hand moest nemen.
Hij wist, dat God zelf Saul zou oordelen, als het Zijn tijd daarvoor was.
Hoe vaak komt het niet voor dat broeders of zusters zeggen: dit is van de Heer,
maar dat je weet dat het voortkomt uit menselijke overwegingen.
Het is zó gemakkelijk om te zeggen: de Here wil dit of dat, vooral als het in ons straatje te pas komt.
Wat doe je dan? Ga je in op wat zij zeggen, of wat je zelf denkt,
of volg je de stem van de Heilige Geest, en ben je bereid te wachten op Gods tijd?
Neem je het recht in eigen hand, of vertrouw je erop, dat Hij het voor je zal doen?
God wilde David beproeven voor dat Hij koning zou worden,
om te zien of zijn hart Hem echt helemaal was toegewijd.
En zo gaat 't ook vaak in ons leven: God beproeft ons om te zien of wij Hem echt zijn toegewijd.
 
 
"En toen Hij het huis was binnengegaan, kwamen de blinden tot Hem,
en Jezus zeide tot hen: Gelooft gij, dat Ik dit doen kan?
 Zij zeiden tot Hem: Ja, Here. Toen raakte Hij hun ogen aan.
En hun ogen gingen open"

Mattheüs 9:28-30
 
Dit is maar één van de vele voorbeelden waar mensen tot Jezus komen
om door Hem genezen te worden en waar Jezus zegt:
"Gelooft gij, dat Ik dit doen kan?"
Geloven is dé voorwaarde, die Jezus stelt aan mensen
die iets van Hem willen ontvangen.
We kunnen Hem om van alles en nog wat bidden,
maar als we niet geloven,
dan zullen we niet ontvangen.
Wie twijfelt, zegt de Bijbel,
moet niet menen dat hij iets van God
zal ontvangen.
In Matth.9 lezen we het verhaal van de vrienden,
die een verlamde naar Jezus brachten.
In vers 2 staat, dat toen Jezus hun geloof zag,
Hij de lamme genas.
Het is zó  belangrijk om tot Hem te
komen in
geloof.
Alle dingen zijn mogelijk voor wie gelooft

staat in Marcus 9:23.
 

Weest niet bevreesd ....

Waarom zijt gij bevreesd, kleingelovigen? Matthéüs 8:26.
Als wij bevreesd zijn, is het minste wat we kunnen doen: bidden tot God;
maar onze Heer heeft het recht te verwachten dat zij die zijn naam gebruiken,
een begrijpend vertrouwen in Hem hebben.
God verwacht van zijn kinderen dat zij zoveel vertrouwen in Hem hebben,
dat Hij op hen aan kan in elke crisis.
Ons vertrouwen in God gaat tot op zekere hoogte,
dan vallen wij terug tot het primitieve paniek-gebed van hen die God niet kennen.
Wij zijn ten einde raad, terwijl wij duidelijk laten blijken niet het minste
vertrouwen in Hem en in zijn wereldregering te hebben.
Hij schijnt te slapen en wij zien niets dan huizenhoge golven voor ons.
"O, gij kleingelovigen!" Wat een schok moet dat voor de discipelen geweest zijn:
"Weer ernaast!" En wat een schok zal het voor ons zijn,
wanneer het eensklaps tot ons doordringt hoezeer wij Jezus’ hart hadden kunnen
verblijden door absoluut vertrouwen in Hem te blijven stellen, wat er ook mocht komen.
Er zijn tijden in ons leven waarin geen storm is en geen crisis,
waarin wij menselijkerwijs doen wat wij kunnen;
maar wanneer er een crisis komt, dan blijkt onmiddellijk op wie wij vertrouwen.
Als wij geleerd hebben God te aanbidden en Hem te vertrouwen,
zal de crisis openbaren dat wij wel komen tot het punt van instorten, maar dat ons vertrouwen in Hem toch niet instort.
Wij hebben het vaak  over heiliging, maar waar loopt dat nu alles op uit?
Het zou moeten uitlopen op rust in God, of wel één-zijn met God;
één-zijn dat ons niet alleen onberispelijk zal doen zijn in zijn oog,
maar dat ons ook zal maken tot een diepe vreugde voor Hem.

 

 

De zaligsprekingen uit Matthéüs 5

 

 

Gelukkig zijn de armen van geest, want het Koninkrijk van de hemelen is voor hen bestemd.

Gelukkig zijn zij die verdriet hebben, want zij zullen vertroost worden.

Gelukkig zijn de zachtmoedigen, want de aarde is voor hen.

Gelukkig zijn de mensen, die ernaar hunkeren dat Gods wil wordt uitgevoerd, want zij zullen volkomen tevreden worden gesteld.

Gelukkig zijn de mensen met een liefdevol en helpend hart, want zij zullen zelf liefde ontmoeten en hulp ontvangen.

Gelukkig zijn de mensen die eerlijk en oprecht zijn, want zij zullen God zien.

Gelukkig zijn de mensen die vrede brengen, want zij zullen zonen Gods genoemd worden.

Gelukkig zijn de mensen die vervolgd worden omdat zij Gods wil doen, want het Koninkrijk van de hemelen is voor hen.

Gelukkig bent u als u beledigingen, vervolgingen, leugens en laster te verdagen krijgt omdat u bij mij hoort.

Wees er blij om en jubel het uit! Want in de hemel ligt een geweldige beloning voor u klaar.


Vergeefs is het dat je vroeg opstaat,
je laat te ruste legt,
je aftobt voor wat brood ,
Hij geeft het zijn lieveling in de slaap.

Psalm 127:2 

  In een wereld waarin we elkaar opjagen en ons opgejaagd voelen,
is het bidden van Psalm 127 een bevrijdende belevenis.
Want blijkbaar is Gods kijk op al onze inspanningen een andere dan de onze.
Wij denken dat vroeg opstaan, laat naar bed gaan en je aftobben zegen zal brengen.
God leert ons: ik geef jou, mijn lieveling, mijn zegen in de slaap.
 Dat klinkt naar Jezus: zoek liever eerst het koninkrijk van God.
 
Wat moeten we dit steeds weer leren he?
Leren, dat Gods kijk op alles héél anders is dan
hoe wij er naar kijken.
We verlagen God nog  zo vaak  naar ons niveau,
in plaats van andersom.
We willen zó graag door onze inspanningen die rust
verkrijgen, waar we zo naar verlangen, terwijl onze hemelse
Vader zegt: "Mijn kind, ik geef het je in de slaap".
Het enige dat Hij van ons vraagt is
 volledige overgave aan Hem,
volkomen vertrouwen op Hem,
verzekerd zijn van Zijn overweldigende liefde voor ons.
Dát is waar Hij naar verlangt.
Laten we ernaar streven om dát in ons leven waar te maken.
Eerst Zijn Koninkrijk zoeken en al het andere
zal ons deel worden.
God wil Zijn kinderen overvloedig zegenen: in alles.
Durf je je zó aan Hem over te geven??
Denk groot van God op elk terrein van je leven en
je zult Zijn grootheid gaan ervaren.

Efeziërs 2:10

"Want Zijn maaksel zijn wij,
in Christus Jezus geschapen om goede werken te doen,
die God tevoren bereid heeft,
opdat wij daarin zouden wandelen."

Als je deze tekst zo leest heb je de neiging om halverwege te blijven steken.
Tot die conclusie kwam ik zelf in ieder geval.

"Want Zijn maaksel zijn wij,
in Christus Jezus geschapen om goede werken te doen."

Als we wedergeboren zijn, dan willen we zo graag iets doen voor de Heer.
We komen tot de ontdekking dat we toch steeds weer fouten maken en proberen
steeds opnieuw om "goede werken" te doen.
Ons verlangen om "goed" te doen is niet verkeerd, maar onze eigen inspanning wél.
Zolang we het zélf willen doen, zullen we steeds opnieuw struikelen.
Steeds weer falen. En satan is er dan als de kippen bij om je een schuldgevoel aan te praten.
Maar ......... het geheim schuilt nu juist in het tweede gedeelte van deze tekst:

"die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen."

Hier lezen we, dat je helemaal niets zelf hoeft te gaan doen,
maar dat God zelf de goede werken van tevoren al heeft bereid.
Het zijn niet onze goede werken, maar de Zijne.
Alles wat wij moeten doen, is daarin te wandelen.
Gewoon in de voetsporen van Jezus gaan en volgen.
Dan ga je ervaren, dat God degene is,
die de weg voor jou heeft gebaand.

Ben jij bereid om te wandelen in de goede werken,
die Hij voor jou heeft bereid?
Dan is het niet meer je eigen ik, maar Christus leeft in jou!

 

Psalm 147:1

Hoe goed is het te zingen voor onze God,
hoe heerlijk Hem onze lof te brengen.

Hoe goed is het

Sommige waarheden hebben tijd nodig om in onze levens te landen.
Dit is zo'n waarheid:
het is goed om de Here te loven!
Het is niet maar een plicht, een opdracht waaraan
we nu eenmaal gehoorzaam moeten zijn.
Nee, het is echt goed, sterker nog:
het is heerlijk om God te verheerlijken.
Om van jezelf weg te kijken en je te richten op God.
Van God verheerlijken word je een ander mens,
een beter mens, met meer liefde, verwondering en ootmoed.

Misschien zeg je: "Ik zit zo middenin de problemen,
dat ik het helemaal niet op kan brengen om te zingen,
en om te loven."
Dan moet ik altijd weer denken aan die tekst waarin staat: 

"Verblijdt je in de Here,
te allen tijde!"

Dus niet alleen als je lekker in je vel zit.
Maar altijd!!
En dat staat er niet zomaar.
Het is geen onmogelijke opgave.
Nee, als je Hem gaat loven dan ga je
als het ware boven al je problemen staan.
Dan ga je weer beseffen, dat God veel en
veel groter is dan jouw nood.
Dan wordt je geloof weer opgebouwd
en zie je Hem weer als Diegene,
voor wie niets onmogelijk is!
Dan weet je weer dat alles in
Zijn handen is en dat Hij
zal zorgdragen.

Zeg met David: "Loof de Here mijn ziel".
Doe 't en je zult zien, dat 't werkt!

God is groot!!



 

 

Dit is zo'n geweldig bemoedigende tekst,
die ik jullie graag wil meegeven.

Als wij ons  in wanhoop afvragen:
"vanwaar zal mijn hulp komen?"
Om dan tegelijkertijd te weten:
"mijn hulp is van de Here". 
Als we deze geweldige God,
de Schepper van hemel en aarde,
tot onze hulp hebben,
dan hoeven we nergens meer bang voor te zijn.
Hij is altijd groter dan onze nood,
ja, ook voor jouw probleem.
Niets is voor Hem onmogelijk!

Geprezen zij Zijn grote Naam!
Halleluja!!
Dank U Heer, dat U mijn God,
mijn Vader bent!
AMEN!!

 
 
 
"Hem nu, die blijkens de kracht, welke in ons werkt,
bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij bidden of beseffen..."
 
Efeziers 3:20
 
 
Misschien bevindt u zich wel in een situatie, waarvan u zo langzamerhand zegt:
het is hopeloos.
Ik heb al zo vaak voor dit probleem gebeden, maar het lijkt wel
alsof God mij helemaal niet hoort, laat staan verhoort.
Maar in deze tekst lezen we, dat Hij, blijkens de kracht, welke in ons werkt,
( dat is de kracht van de Heilige Geest)
bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij
bidden of beseffen.
God wil door de kracht van de Heilige Geest werken
aan onze situatie.
Hij hoort uw gebed, maar de reden dat uw gebed nog niet
is verhoord kan zijn, dat Hij u wil leren helemaal
op Hem te vertrouwen.
Ook als u nog helemaal niets ziet veranderen in uw situatie.
Hij wil u leren om juist dan op Hem uw vertrouwen
te blijven stellen, zonder twijfel.
Verblijdt u in de Here te allen tijde zegt de bijbel.
Dus óók in moeilijke tijden.
Ja, zegt u: maar dat kan ik niet opbrengen als ik 't moeilijk heb.
Vraagt God dan iets onmogelijks van u?
Ik denk 't niet.
Hij vraagt van ons, dat wij onze moeilijkheden afwentelen
op Hem en dan in volkomen vertrouwen dat Hij het
goed zal maken, Hem de lof en eer gaan brengen die Hem toekomt.
Dank Hem voor alle zegeningen die Hij u al wel heeft
gegeven, dan zult u merken dat Zijn blijdschap uw hart zal
vervullen en dat u, ondanks dat de problemen nog niet
zijn opgelost, zich kunt verblijden in Hem.
En dán wordt de weg gebaand, dat God uw gebeden kan gaan verhoren.
Soms op een hele andere manier dan wij het ons hadden voorgesteld,
maar altijd zo, dat het meewerkt ten goede, als wij Christus liefhebben.
Dan mag u gaan ervaren dat God bij machte is oneindig veel
meer te doen, dan wij bidden of beseffen.
 
God zegene u!


 
 

In het negende uur gaf Jezus een schreeuw en riep luid:
"Eli, Eli, lama sabachtani?"
Dat wil zeggen: "Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten?"

Matth. 27:46

 

Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten.
Deze schreeuw tot God gaat mij door merg en been.
Er kan een mens niets ergers overkomen dan dát.
Er is geen gevoel, dat erger is dan je door God verlaten te voelen.
Het lichamelijke lijden, dat Jezus moest doorstaan
was verschrikkelijk, maar het meest vreselijke was,
het moment dat de Vader Hem moest verlaten.
En toch riep Hij niet een hele legermacht van engelen
om hem van het kruis af te halen.
Nee, Hij wilde de beker tot de bodem toe leegdrinken.
Voor jou en voor mij.
Wat een overgave en wát een liefde!

Trouwens, heb je er wel eens bij stil gestaan wat het voor
de Vader moet hebben betekent om zijn hoofd van Zijn
geliefde Zoon te moeten afwenden.
Om Hem te moeten verlaten?
Het moet ook de Vader een groot offer gekost hebben,
Zijn Zoon in het heetst van de strijd te moeten
verlaten.
En toch deed Hij het.
Voor jou en voor mij.

Het was de enige manier om de verbroken relatie
met de mens (met ons) weer te herstellen.

 

Duizend, duizend maal, o Heer,
zij U daarvoor dank en eer.

 

Als jouw relatie met God nog niet hersteld is,
wacht dan niet langer, maar aanvaard het
offer dat Jezus ook voor jou heeft gebracht.

 
 
 

Ezechiël 34:1-31

Zoals een herder naar zijn kudde op zoek gaat als zijn dieren verstrooid zijn geraakt,
zo zal ik naar mijn schapen op zoek gaan en ze redden,
uit alle plaatsen waarheen ze zijn verdreven op een dag van dreigende, donkere wolken.


Hij is gekomen om te zoeken. Om jou te zoeken.
Want Hij heeft het hart van een Herder.
Jezus is - zo Vader, zo Zoon - de Goede Herder die verloren schapen weer opzoekt.
Ben je verdwaald, voel je je eenzaam, ervaar je jezelf als een verstotene?
Weet dat de Herder je zoekt.
Daarover gaat het in de veertigdagentijd.
Over een zoekende God, die in Jezus nog dichterbij is gekomen dan Hij al had gedaan.
En Hij heeft maar één doel.
Dat wij zouden zingen: "De HEER is mijn herder, het ontbreekt mij aan niets."

Misschien zijn er dingen gebeurd in je leven, waardoor je je door God
in de steek gelaten voelt.
Maar besef dan, dat dit satan is, die deze gedachten en gevoelens
aanwakkerd. Hij maakt gretig gebruik van de situatie, om te proberen
jou een verkeerd beeld van God voor te spiegelen.
Maar weet dit: het is een grote leugen.
Wát er ook gebeurd in je leven: God is er altijd bij en Hij heeft alles
in Zijn hand. Ook al lijkt het soms weleens héél anders.
Blijf erop vertrouwen, dat Hij iedere situatie, hoe verdrietig en
uitzichtsloos deze ook mag zijn op het ogenblik zelf, zal ombuigen
en er iets goeds uit doet voortkomen.
Twijfel nooit aan Zijn trouw, en weet dat als je Zijn kind bent,
niets of niemand je uit Zijn hand zal kunnen rukken.
Bij Hem ben je veilig.
Bij Hem mag je komen met je verdriet,
met je uitzichtsloze situatie.
Hij zal je troosten en helpen, als je het van Hem verwacht!
Hij heeft je zó lief, dat Hij het liefste wat Hij had gaf:
voor jou!
Zou deze God je dan ooit in de steek laten?

 
 

Laat zó uw licht schijnen voor de mensen,
opdat zij uw goede werken zien en uw Vader,
die in de hemelen is, verheerlijken."

Matth. 5:16

 

Toen ik deze tekst las, moest ik denken aan de weken na de tsunami.
Van alle kanten kwamen de akties los.
Van christelijke en niet-christelijke kant.
Veel mensen, ook christenen stortten meteen geld, maar er waren
er ook, die zich afvroegen: aan wie moeten wij, als christenen
nu geld geven. Moeten we het zo maar ergens stortten, of moeten we
het via de christelijke organisaties doen, die in die landen
al vele kontakten hebben met kerken en gemeenten.
Paulus zegt dat we goed moeten doen aan alle mensen,
maar in het bijzonder aan de geloofsgenoten.
Daarom geloof ik dan ook, dat wij als christenen
gebruik moeten (mogen) maken van de mogelijkheden
die christelijke organisaties ons geven om via hen
ons geld te geven.
Maar als ik deze tekst lees, dan valt het me op, dat het er
niet in de eerste plaats om gaat, dat we "goed" doen.
Ik bedoel: zomaar goeddoen, om onszelf daarmee een goed gevoel te
bezorgen. Kollektes aan de deur: " o," zeggen velen,
"ik geef echt overal aan hoor".
Ook niet-christenen maken hier graag gebruik van om te laten zien,
 dat ze dus helemaal zo slecht niet zijn. Ze geven immers
"ieder het zijne"en  denken dan dat ze God helemaal niet
nodig hebben, want ze zijn in eigen ogen "zo goed".
Maar waarom geven wij als christenen?
Geven we om het "goede gevoel",
of geven we om onze goede naam,
vertellen we graag aan iedereen dat we
ook een flinke duit in het zakje hebben gedaan.
Deze tekst laat zien dat wij ons licht moeten laten schijnen
op een bepaalde manier.
Niet om onszelf te strelen, maar:

opdat zij uw goede werken zien en uw Vader,
die in de hemelen is, verheerlijken!

In alles wat we doen gaat het er dus om, dat we niet onze eigen eer
zoeken, maar dat de mensen aan wie we goed doen, weten, dat we het
doen omdat we christen zijn. Dan zullen ze óns er niet voor bedanken
en eren, maar onze Vader die in de hemelen is.
Daarom is het belangrijk dat christenen ter plaatse hen kunnen helpen,
en dat wij hen de middelen mogen geven.

Als we zomaar geld geven aan wat voor instelling dan ook, dan wordt
uiteindelijk de mens geeerd.
Willen we dat onze Vader geëerd zal worden, dan geven wij als christenen
aan christenen, die dan vanuit hun "christen zijn" aan de slag kunnen.
Niet alleen om christenen te helpen, maar  ieder die het nodig heeft,
opdat de Vader verheerlijkt zal worden.
Alleen dan ( en dat geld niet alleen voor geld geven hoor, maar voor alles wat we doen)
zal ons licht goed schijnen en zal God zichtbaar worden voor hen.

 

 
Overdenking: De Heilige Geest en de Bruid - Pastor S.L.Hofwijks
Maranatha Ministries
 
Als er over het werk van de Heilige Geest gesproken wordt, denkt men vaak alleen maar aan kracht en aan de zalving.
Nu is het wel zo, dat de Heilige Geest ons kracht geeft om stand te houden in dit leven en om te strijden tegen de aanvechtingen van de tegenstander.
Ook ontvangen we kracht om een getuige te zijn van het Evangelie,
maar het is belangrijk te weten dat al deze zaken te maken hebben met het klaarmaken van ons als Bruid van de Here Jezus Christus om Hem straks
als onze hemelse Bruidegom te ontmoeten.
Het is de Heilige Geest die ons toerust om er stralend uit te zien als straks de bazuin zal klinken bij Zijn wederkomst.
De Heilige Geest is niet alleen belangrijk in dit leven, maar ook in het leven bij de wederkomst van Christus.
De Here wil dat het ons goed gaat, dat wij staan op de beloften,
Die Hij ons gegeven heeft, en dat kunnen we alleen maar door de bijstand van de Heilige Geest.
Ook wil de Heilige Geest dat de Gemeente het licht en het zout der aarde is.
De Heilige Geest is dus de Leider van de Gemeente, en vanzelfsprekend ook de Leider van de voorgangers.
De voorgangers zijn de assistent-leiders van de plaatselijke gemeenten.
Gods Geest is bezig een Gemeente, de Bruid van de Here Jezus, klaar te maken middels geestelijke gaven en de vrucht van de Geest, die Hij ons geeft. Zodoende kunnen wij ons in deze wereld opstellen en gedragen als de toekomstige Bruid van Christus.
Zonder de bijstand van Gods Geest zouden wij niet kunnen standhouden.
Hij is er voor ons. Voordat de Here Jezus ten hemel voer, bad Hij tot de Vader om ons die andere Trooster te geven om tot in eeuwigheid bij ons te zijn, omdat Hij wist hoe nodig wij Hem zouden hebben om een overwinnend leven te leiden. Hij is onze Helper, onze Gids, onze Leraar en Leider.
Hij leert ons alles over onze toekomstige Bruidegom.
Zonder de Heilige Geest zouden wij niet veel van de Here weten en ook geen verlangen hebben om Hem te ontmoeten op die grote dag.
Hij houdt ons wakker en overtuigt ons om niet alleen bezig te zijn met de dingen van deze wereld, maar om waakzaam te zijn, omdat onze hemelse Bruidegom komt...!
Sommige christenen zijn zo druk bezig met de dingen van deze wereld,
dat de nodige tijd voor een goede relatie met de Heilige Geest erbij inschiet. Ze hebben geen tijd voor een gebedsleven en nog veel minder voor het Woord, de geestelijke gaven, de vrucht van de Geest en de verbreiding van het Evangelie. Ze laten zich opslokken door wereldse zaken, terwijl de Here Zich klaarmaakt voor het grote Bruiloftsfeest.
Velen verlangen naar zegeningen nu en dat is op zichzelf niet verkeerd.
De Bijbel handelt daar ook over en ze zijn er voor ons. Maar vestig uw hoop niet alleen daarop, maar weest waakzaam en sta open voor het onderwijs van de Heilige Geest aangaande onze heerlijke toekomst.
Het leven van nu duurt maar kort, maar het eeuwige leven is oneindig!
 
Verhef u boven de hemelen, God,
 laat uw glorie heel de aarde vervullen.
 Psalm 57:12

   De Psalmen leren ons niet alleen bidden.
Ze leren ons ook aanbidden.
Aanbidden is: God groot laten zijn in je leven.
 En niet alleen in je eigen leven, ook op aarde.
 Want God wil met zijn glorie heel de aarde vervullen.
Daarom wil hij gebeden zijn.
 Wat zou er gebeuren als steeds meer christenen elke dag gingen bidden
dat Gods glorie deze aarde zou overrompelen? 
Hoe vaak staan wij zelf niet centraal in ons gebed??
Vragen, vragen, vragen....
of Hij ons maar wil bewaren,
of ons wil helpen,
ons een goed jaar wil geven,
ons deze dag wil zegenen enz. enz.
Je kunt dit rijtje zelf ongetwijfeld naanvullen.
Maar dit zijn niet de gebeden die God verheerlijken.
Hij zegt, dat Hij ons niet zal begeven en verlaten,
dat Hij met ons zal zijn, elke dag,
dat Hij ons voor struik'len zal behoeden
enz. enz.
Ook dit rijtje zul je zelf wel kunnen aanvullen.
We hoeven dus niet meer voor die dingen te bidden,
waarvan God heeft gezegd, dat Hij ons er mee zal omringen.
Het is een kwestie van vertrouwen,
dat Hij zal doen wat Hij zegt.
En als we Hem vertrouwen op Zijn Woord,
dan blijft er nog maar één ding over:
 
AANBIDDING!
 
Dan krijgt Hij de plaats in ons bidden en
in ons leven die
Hem toekomt.
Zullen we ons hier in gaan oefenen?
Danken en vertrouwen
en aanbidden?!
We hebben een geweldige, grote God.
Hij, de Schepper van hemel en aarde,
de Kon ing der Koningen en de Heer der Heren.
En die onbeschrijf'lijk grote God
wil bemoeienis hebben
met jou en mij.
 
Ik buig mij voor U neer,
Mijn handen hef ik tot U op.
U bent mijn schild,
U bent mijn Heer.
'K aanbid U Heer,
steeds meer en meer.
 
God zegene je!
 
 
 
Maar gij geheel anders,
gij hebt Christus leren kennen
Efeze 4:20
 
We worden allemaal beinvloedt door de media.
Elke keer als we de tv aan zetten komen ze op ons af, de reklamespotjes,
 soapseries, videoclips enz. enz.
Wie komt er niet mee in aanraking?
We worden regelmatig geconfronteerd met films en beelden
die suggereren dat vreemdgaan, samenwonen en seksuele uitspattingen
 de normaalste zaak van de wereld zijn.
Is het niet wonderlijk, dat de overheid niets doet tegen deze
geestelijke vervuiling maar dat er een verhitte discussie ontstaat
over allerlei uiterlijke zaken, zoals het dragen van wel of geen hoofddoekjes,
kruisjes en andere religieuze symbolen.
Uiterlijkheden schijnen belangrijker dan een innerlijke beschaving en een hoge moraal.
Deze tendens heeft ook kerken en gemeentes beinvloed.
Soms lijkt de buitenkant van ons geloof belangrijker dan de inhoud.
Wij christenen zijn zo druk bezig met de buitenkant, onze uitstraling,
dat we de kracht van Gods Woord nog weleens over het hoofd zien.
Soms lijkt het wel alsof we een samenkomst eerder beoordelen
op het "vergaaf-gehalte" 
 van de aanbiddingsleider en de band dan op het spreken van God.
Er staat in de Bijbel ".... maar gij gehaal anders,
jij hebt Christus leren kennen" (Ef.4:20).
Gods Woord leert ons om niet naar uiterlijke dingen te kijken,
maar om te luisteren naar God, de Schepper van hemel en aarde.
Christen-zijn begint met het belijden van onze zonden,
het ontvangen van vergeving en onze toewijding aan God.
De buitenkant is alleen belangrijk als het gaat om wat God in en door ons
 heen wil doen om zich aan de buitenstaander te openbaren.
Laten we Jezus zichtbaar maken door woord en daad!
Hij wil via jou en mij Zijn liefde tonen aan onze medemensen,
die zich nu nog druk maken over de buitenkant.
 
 
 
 
 
 "Looft de Heer, alle volken.
Prijs Hem, alle naties:
Zijn liefde voor ons is overstelpend.
Eeuwig duurt de trouw van de Heer.
Halleluja!"
 
Psalm 117
 
Nu we alweer bijna aan het einde van dit jaar zijn,
 gaan onze gedachten zo af en toe terug
naar wat er zoal is gebeurd in het afgelopen jaar.
Als ik deze tekst lees, dan kan ik alleen maar dankbaar zijn,
 dat de Heer ook dit jaar weer Zijn grote trouw aan mij heeft betoond.
En als ik dan lees, dat zijn trouw eeuwig duurt, voor altijd is, dan weet ik,
 dat ik het komende jaar ook weer vol vertrouwen tegemoet kan gaan, wetende,
 dat  Zijn liefde en trouw mij ook in dat jaar elke dag weer zullen omringen.
Dan kan ik Hem alleen maar loven en prijzen en danken voor zoveel genade.
Ik hoop, dat er velen zullen zijn die dit met mij kunnen doen.
Dat ook jij Gods liefde en trouw hebt ervaren in dit jaar
 en dat ook jij het komende jaar onbevreesd tegemoet kunt gaan.
Wat er ook gebeurt, we mogen weten,
 dat onze God er altijd bij is.
Hij is en blijft getrouw, voor altijd!!!
 
 
 
 
De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan.
 
We vinden deze gelijkenis in Lucas 10:25-37.
 
Het gaat hier over iemand die werd overvallen en die halfdood was
achtergelaten.
Vervolgens kwamen er drie vooraanstaande mannen in de buurt,
maar i.p.v. hem te helpen, liepen ze met een grote boog om hem
heen.
Toen kwam er een Samaritaan, iemand waar op neergekeken werd.
Wij zouden misschien zeggen: een buitenlander.
De man op de weg, zag 't al helemaal niet meer zitten.
Als die "gelovigen" hem al aan z'n lot over lieten, dan zou deze
Samaritaan dat zeker doen.
Maar wat gebeurt er?
De Samaritaan zag hem en werd met ontferming bewogen.
Hij verzorgde zijn wonden en bracht hem, op zíjn kosten, naar een
herberg.
Nadat Jezus deze gelijkenis verteld had vroeg Hij aan de
wetgeleerde: "Wie van deze drie is nu de naaste geweest van de
man, die in handen van de rovers gevallen was?"
De wetgeleerde kon zelfs de naam "Samaritaan"  niet over z'n
lippen krijgen en zei: "Degene, die hem bramhartigheid bewezen
heeft."
Toen zei Jezus tegen hem: "Ga heen en doe hetzelfde."
Wat mij hierbij opviel was, dat met "naaste" iets héél anders
bedoeld wordt, dan meestal wordt gezegd.
Meestal wordt de vraag gesteld: "Wie is je naaste?"
En als antwoord zegt men dan, dat dat bijv. je buren zijn, je
familie, kortom, iedereen waar je mee in aanraking komt,
en waar je dan iets goeds voor moet doen bijv.
Maar als we deze tekst lezen (vers 36) staat daar dat niet de
gewonde man de naaste was van de Samaritaan, maar precies
andersom. De Samaritaan was de naaste van de gewonde man.
Hij was "naast"hem komen staan en had zich zijn lot aangetrokken.
De vraag moet dus niet zijn: "Wie is jouw naaste?", maar
"Voor wie wil jij de naaste zijn?"
Ga je liever een straatje om, als je iemand die je helemaal niet
mag, hulpeloos op straat ziet liggen, of wil je zijn "naaste" zijn?
God wil, dat wij naast die persoon gaan staan, dat we ons om hem
bekommeren, hem helpen, ongeacht wie het is.
Wil jij zó een "naaste" zijn?
God zegene je!!
 

 
 
"Weest sterk en moedig. want de Here, uw God, zelf gaat met u;
 Hij zal u niet begeven en u niet verlaten."
Deuteronomium 31:6
 
Toen ik deze tekst las, werd ik bepaald bij het woordje "uw".
De Here, uw God.
De beloftes die God geeft in de Bijbel zijn niet zomaar voor
iedereen. Nee, ze zijn héél speciaal voor Zijn kinderen.
En dat gold niet alleen voor het volk Israel, maar dat geldt ook nu,
voor diegenen, die weten Gods kind te zijn.
Voor hen, die getrokken zijn uit de duisternis tot Zijn wonderbaar Licht.
Wiens zonden zijn weggewassen door het bloed van het Lam.
Alleen dan is God: jouw (en mijn) God.
En mogen we deel hebben aan Zijn beloftes.
Wat een bemoedigende tekst, vooral in deze tijd.
Het zal zeker nog veel moeilijker worden voor degenen die
Hem willen volgen, maar dan zegt God tot ons:
"Weest sterk en moedig, want de Here, uw God, zelf gaat met u;
Hij zal u niet begeven en u niet verlaten."
Laten we beseffen, dat dit een realiteit is en laten we
volharden tot het einde.
Dan zullen we de kroon des eeuwigen levens ontvangen en voor
altijd met Hem zijn!
 

 

Kuur tegen zonde!

Zonde is dodelijke ziekte. Er zijn wel meer dodelijke ziekten, maar zonde is een extreem nare. Het is dodelijk voor iedereen die de ziekte heeft. Zelfs het kleinste beetje (overtreedt u 1 wet, dan overtreedt u ze allen!).

Heel klein beetje zonde lijdt tot hartstikke 100% dood.

De kuur tegen een dergelijke zonde moet wel heel sterk zijn. Sterker nog, de kuur moet niet alleen neutraliseren, maar het moet zo sterk zijn dat het de ziekte vernietigd. Een écht goede kuur is dus sterker dan de ziekte. De impact van de kuur moet groter zijn dan de impact van de ziekte.

Zonde is de ergste ziekte ooit met het hoogste sterftecijfer ooit. De kuur daarvoor moest wel van God komen, want het moest sterker zijn en het probleem volledig vernietigen. Ook het kleinste beetje in het uiterste hoekje. Want…een beetje zonde is al dodelijk.

Romeinen 6:23
De zonde betaalt een hard loon: De dood! Maar de genade van God geeft wat niemand verdient: Eeuwig leven met Christus Jezus, onze Here. God stuurde Jezus.

En Jezus bracht de oplossing voor de dodelijke ziekte. Hij gaf zijn bloed, wat zo sterk is dat het de dodelijke uitwerking van de zonde kan vernietigen. De impact van wat Jezus deed is dus veel groter dan de impact van wat de zonde kan doen. Het is dus interessanter om te kijken wat de kuur van Jezus met de zonde doet dan wat de zonde met ons kan doen. Zonde had als antistof vergeving en kwijtschelding nodig. Omdat de ziekte een radikale oplossing nodig had, kwam er niet een beetje vergeving en kwijtschelding maar totale vernietiging.

Colossenzen 2:14 Hij heeft ons strafblad dat tegen ons getuigde (de lijst met regels waaraan we ons niet hebben gehouden) verscheurd. Dat bewijs heeft Hij vernietigd door het aan het kruis te slaan. incl. het volledige overnemen –dus kwijtschelding- van de straf! (Jesaja 53:5).

Er valt hoe dan ook meer te leren van de kuur dan van de ziekte, want de kuur heeft de ziekte vernietigd en is derhalve groter en interessanter. Het heeft meer te bieden. Na het innemen van de kuur volgt er iets nóg groters . Nog veel groter dan de kuur zelf. Ten gevolge van de kuur is de ziekte zo goed aangepakt, dat God Zelf in ons kan komen wonen! Meteen het ultieme bewijs dat zonde in principe geen probleem is voor God om dichtbij te zijn. Want iedere zonde –ook onbewuste!- komt uit ons hart (het hart van de mens –ieder mens!), maar omdat het bloed van Jezus (de kuur) deze zonde heeft doordrenkt en geelimineerd, kan de Heilige Geest in hetzelfde hart wonen.
Zonde bracht scheiding tussen ons en onze God. Maar het middel wat jezus bracht was zo volmaakt en doeltreffend dat die scheiding dus is weggenomen.

Laat dat nu net zijn wat God graag wil; zo dicht mogelijk bij ons zijn; in ons hart! Gratis het dodelijke virus weggenomen en daar bovenop het meest kostbare geschenk (2 cor. 4) mogelijk; de Geest van God Zelf.

Waarom zo’n geweldige onverdiend aanbod? God is liefde, God is goed en... Romeinen 2:4 Het is Gods GOEDHEID die mensen tot bekering leidt, niet Zijn toorn!


 

 

Wandelen met Jezus

 


En op de derde dag was er een bruiloft te Kana in Galilea en de moeder van Jezus was daar; en ook Jezus en zijn discipelen waren ter bruiloft genodigd.
Johannes 2:1-2


Jezus, de Zoon van God uit de hemel, heeft op aarde feest gevierd. De uitnodiging voor de bruiloft heeft Hij niet afgeslagen. Want feest vieren hoort bij het leven zoals God het bedoeld heeft. Jezus gaat het feest zelfs nog mooier maken dan het al was. Want water verandert in wijn.
Maar wat mij ook zo aansprak in dit verhaal was de houding van Maria, de moeder van Jezus.
Toen zij tegen Jezus zei dat er geen wijn meer was, zei Jezus tegen haar: "Vrouw, wat heb ik met u van node. Mijn tijd is nog niet gekomen."
Stel je dat es even voor.  
Hoe zouden wij reageren?
Onze tenen zijn vaak zo lang, we zijn vaak zo gauw beledigd. Wat kunnen wij hier een les uit leren!
Maria zei toen tegen de bedienden: "Wat Hij u ook zegt, doet dat!" Niks geen zelfmedelijden, niks beledigd zijn, of zich voor schut gezet voelen. Nee, Maria wist wie Jezus was en had ontzag voor Hem, ook al was Hij naar de mens gezien haar zoon.
Laten we bij onszelf eens nagaan wat we in ons eigen leven met deze les kunnen doen.
Ook in onze omgang met broeders en zusters. Er worden soms dingen gezegd en/of gedaan, waardoor we ons behoorlijk beledigd voelen. Hoe gaan we daar dan mee om?
Gooien we onze kont tegen de krib, of gaan we ermee naar de Heer?? Ik bid, dat dit laatste steeds meer 't geval mag zijn, want zo leren we om rein en heilig met Hem te leven en volkomen van Hem afhankelijk te zijn.
 

 

 

 

 

 

Eerst geloven, dan zien....

 

De apostel Thomas is vaak bekritiseerd om zijn gebrek aan geloof met betrekking tot de opstanding van Jezus Christus.

Tijdens één van Zijn verschijningen kwam Jezus naar de plaats waar de discipelen zich schuilhielden, in een zaal in Jeruzalem. Omdat Thomas daar niet bij was, vertelden de discipelen hem later dat ze Jezus hadden gezien. Thomas reageerde met een gedurfde uitspraak: "Ik kan het pas geloven ... als ik de wonden van de spijkers in zijn  handen zie en met mijn eigen hand voel dat Hij een wond in zijn zij heeft." (Johannes 20:25).

 

Acht dagen later verscheen Jezs opnieuw aan de discipelen, die zich nog steeds schuilhielden. Ditmaal was Thomas er wel bij. Jezus zei tegen hem: "Thomas, zie je mijn handen en mijn zij? Voel er maar eens aan en twijfel niet meer. Geloof dat Ik leef!"

"Mijn Heer en mijn God" stamelde Thomas.

"Geloof je het nu, omdat je Mij ziet?" zei Jezus.

"Gelukkig zijn de mensen, die in Mij geloven zonder Mij gezien te hebben."(Johannes 20:27-29).

 

Eerder in de bediening van Jezus, toen de weerstand van de Joodse leiders in Jeruzalem toenam, probeerden alle discipelen Hem ervan te weerhouden terug te gaan naar Judea. Juist Thomas was de enige discipel die toen moedig verklaarde: "Laten we meegaan om samen met Hem te sterven"(Johannes11:16).

Thomas was dus wel degelijk bereid ergens helemaal voor te gaan. Het probleem zat em dan ook niet in zijn geb rek aan geloof in Jezus, maar in zijn beperkte denken. Toen Jezus nog leefde en er nog hoop was op een politiek messiaans koninkrijk, met Jezus als koning, was Thomas bereid om voor deze zaak te sterven. Maar met de dood van Jezus voel de droom van Thomas - bevrijding van de Romeinse overheersers - in duigen. Zijn vastgeroeste denken belemmerde hem in de verwachting van, en het geloof in een Koninkrijk van een hogere orde.

 

Wat wij van Thomas kunnen leren is, dat wij geen afgepaste plannen moeten maken die Gods hogere plannen en doelen blokkeren. Geef God de ruimte om het onmogelijke in uw leven te doen. Wijd Uzelf volkomen aan Hem toe, net als Thomas. Maar waak voor vastgeroest denken en houd rekening met een ander resultaat.

En geloof voordat u het ziet! 

 

 

 

 

 

Laat het los.
en vertrouw op God.

"Beveel de Here uw werken, dan zullen uw voornemens gelukken."
Spreuken 16:3
 
Een bemoedigende tekst vind je ook niet?
Ja, om de Here je werken te bevelen, dat zal nog wel lukken, maar dat tweede gedeelte is voor veel mensen al een stuk lastiger. Daar komt vertrouwen om de hoek kijken.
Is het dikwijls niet zo, dat we de Heer onze plannen wel bekend maken, maar er niet op durven te vertrouwen, dat Hij ervoor zal zorgen, dat onze voornemens zullen gelukken?
Als het even duurt, voordat we resultaat zien, nemen we dan vaak niet zelf het heft in handen, i.p.v. op Hem te vertrouwen?!
Onze werken aan Hem bekend maken is één, maar om dan los te laten en te vertrouwen, dat Hij Zijn woord zal houden, wat kan dat moeilijk zijn he?
En toch vraagt Hij dat van ons.
Loslaten en vertrouwen.......zodat Hij Zijn gang kan gaan. Ben jij daartoe bereid?? Durf je het aan om die weg te gaan?
Geef Hem de kans om Zijn weg met en in jouw leven te gaan. Dan zul je Zijn zegeningen mogen ervaren, elke keer weer.
 

 

 

 

1Corinthiërs 3:7

 

Daarom, noch wie plant, noch wie begiet, betekent iets, maar God, die de wasdom geeft.

 

God geeft de wasdom

 

Lezen 1Corinthiers 3:1-9a

1 En ik, broeders, kon niet tot u spreken als tot geestelijke mensen, maar slechts als tot vleselijke, nog onmondigen in Christus.  2 Melk heb ik u gegeven, geen vast voedsel, want dat kondt gij nog niet verdragen. Ja, dat kunt gij ook nu nog niet,  3 want gij zijt nog vleselijk. Want als er onder u nijd en twist is, zijt gij dan niet vleselijk, en leeft gij niet als onveranderde mensen?  4 Want wanneer de een zegt: Ik ben van Paulus; en de ander: Ik van Apollos; zijt gij dan niet onveranderde mensen?  5 Wat is dan Apollos? Of wat is Paulus? Dienaren, door wie gij tot geloof gekomen zijt, en wel zoals de Here dit aan een ieder geschonken heeft.  6 Ik heb geplant, Apollos heeft begoten, maar God gaf de wasdom.  7 Daarom, noch wie plant, noch wie begiet, betekent iets, maar God, die de wasdom geeft.  8 Wie plant en wie begiet, staan gelijk; alleen zal elk zijn eigen loon krijgen naar zijn eigen werk.  9 Want Gods medearbeiders zijn wij

 

Bij welke gemeente behoort u? Wie is de dominee? Ach, dat is niet zo belangrijk. Het gaat om de 'groei' van de gemeente. Verlangt u er ook naar dat er geestelijke groei mag zijn in de gemeente? Dat er mensen tot geloof en bekering worden gebracht. Dat er een sterke verdieping komt bij veel mensen en ook bij uzelf. En dat de kracht en de liefde van de Here heel opvallend zichtbaar wordt voor velen.

 

God alleen kan de groei geven. Zonder Hem kunnen we niets doen. Laten we er de Heilige Geest dagelijks om vragen. En laten we als gemeente samenkomen om het te smeken van de Heere. Want God geeft de groei dan ook. Dat heeft Hij beloofd. Hij zal het ook doen. Wilt u zich ondertussen eens afvragen of u de Here mag dienen als 'planter' of als 'natmaker' of op een andere manier. Bent u iemand voor het evangelisatiewerk? Of meer voor het pastoraat? Of voor kinderwerk? (Ook voor het werk op internet zien we uit naar mensen die zich hiervoor willen inzetten) De Heere geeft de groei. En Hij gebruikt er mensen voor. Hij vindt dat zo belangrijk dat Hij er zelfs genadeloon aan hecht.

 

 

 

Kan een kind zijn vader horen?


Is het mogelijk voor iemand die in God gelooft en een relatie met Hem wil hebben, om de stem van zijn God te verstaan?

Al in het allereerste begin van de Bijbel zie je iets wat God kenmerkt: Hij spreekt.

Hij schiep de hele schepping met zijn gesproken Woord.

Hij sprak en het was er (Genesis 1).
Dat geldt voor alles wat bestaat.

Door het Woord van God is alles geworden wat geworden is (Johannes 1:1-5).

Een kenmerk wat de mensen boven de dieren verheft,is de taal.

Mensen kunnen spreken op een manier die voor dieren onmogelijk is.

Hoewel dieren ook een beperkte vorm van communicatie hebben, die soms zelfs zeer complex en mooi kan zijn, kan het niet tippen aan de bekwaamheid van de mens
om zijn diepste emoties en gedachten te uiten in duizenden verschillende woorden,
in een verscheidenheid aan talen.

God maakte ons naar zijn beeld. Een belangrijke waarheid van de Bijbel is Godsverlangen
om relatie met de mens te hebben. Dat is namelijk de eerste en voornaamste reden dat Hij ons schiep: om alles van zichzelf met ons te delen.
Hij wilde zijn diepste gedachten delen met iemand die net als hijzelf kon nadenken en dromen, een vrije wil had, kon creëeren en ontwerpen en gevoel had voor schoonheid, in muziek en beeld.
Een mens die bijna aan God zelf gelijk zou zijn.
Daarom zegt de Bijbel ook, en Jezus Christus haalt dit vers zelfs aan, dat de mensen ‘goden’ genoemd worden (Psalm 8:5, Psalm 82:6, Johannes 10:34).

God wilde een relatie met iemand die veel meer is dan een robot of een dier, dat slechts handelt volgens voorgeprogrammeerde systemen.

God wilde iemand met wie hij werkelijk vriendschap en liefde kon ervaren op een diep, persoonlijk en geestelijk niveau.

Daarom sprak God ook meteen heel uitgebreid met Adam, de eerste mens. Genesis vermeldt dat God ‘s avonds bij Adam kwam om samen met hem te wandelen in de Hof (Genesis 3:8).

Wat een teken van vriendschap!

Door de Bijbel heen zie je dat dit verlangen van God naar persoonlijk contact met de mens steeds weer benadrukt wordt. Van Abraham, van Mozes tot Jezus en zelfs bij de apostelen zie je dat God spreekt, dat hij pogingen doet om door te dringen tot het hart
van de mens en dat Hij intens lijkt te verlangen naar het ontwikkelen van een hechte
vriendschapsband met ons.

Daarom ook werd hij zelf een mens en wandelde hij als één van ons onder de mensen. Tegen zijn leerlingen die Hem zagen als ‘De Grote Meester’, zei Jezus dan ook:
“Jullie zijn niet mijn slaven, maar Ik noem jullie mijn vrienden” (Johannes 15:15).

Gods liefde voor de mens en zijn verlangen om alles wat hij heeft met ons te delen wordt volmaakt tot uiting gebracht door zijn uiteindelijke doel: de bruiloft van God met de mens (Jesaja 62:4, Op. 19:7).
Het huwelijk van Jezus Christus, die de volheid van God draagt, met de mensheid die God liefheeft boven alles.

Dat is Gods uiteindelijk doel. De meest intense en meest verregaande vorm
van romantiek en liefde die er bestaat.


God die met de mensheid trouwt, zoals een jongen met zijn meisje zich voor eeuwig
met elkaar verbinden.

Bij een aantal personen in de Bijbel wordt duidelijk gezegd dat ze zo’n band met God hadden, dat ze zijn persoonlijke vrienden werden genoemd.
Abraham en Mozes zijn slechts twee bekende voorbeelden (Psalm 90:1, Romeinen 3:10, Galaten 5:18).

Mensen van deze tijd kunnen de neiging hebben om op te zien naar dat soort grote mannen van God uit de oudheid. Toch spreekt God daar in zijn Woord heel anders over. In de brief van Jakobus zegt God ons over de grote profeet Elia bijvoorbeeld:
‘Elia was maar een gewoon mens zoals wij. Daarom kunnen wij dezelfde kracht en omgang met God ervaren als Elia’ (Jakobus 5:17 geparafraseerd).
Concreet wordt dit genoemd in het verband van bidden voor zieken.

Wij hebben echter de neiging om te denken dat God enkel op een persoonlijke wijze omging met de grote mannen en vrouwen in de Bijbel.
Nochtans zegt de Bijbel zelf dat wij allemaal in een tijd leven die wordt gekenmerkt door een veel grotere heerlijkheid, dan deze van Mozes, die op de berg Gods heerlijkheid zag.
Paulus schrijft in zijn brief aan de Korintiers dat de heerlijkheid die Mozes ervoer in het niet valt, bij de heerlijkheid die wij kunnen ervaren door onze open relatie met God door Jezus (2 Kor. 3:7-18).
Door het offer van Jezus is er namelijk een volkomen vrijheid gekomen in het naderen tot God.

Er is niets meer wat tussen ons en Hem in staat...
Het is zelfs zo dat God nu met zijn Geest in ons is.

Hoeveel dichter kun je nog naderen tot God?

Vroeger woonde God in stenen gebouwen.
Nu woont Hij in ons. Vroeger moesten mensen allerlei offers brengen voor hun fouten.
Nu zijn we volkomen en voor eeuwig bevrijd door het offer van God zelf: zijn Zoon die voor ons stierf.

Het gordijn van de tempel is opengescheurd.
De opening is er.

Daarom is het nu voor elk kind van God mogelijk om een zeer persoonlijke band met zijn hemelse Vader te ervaren. Vroeger leefden mensen immers ver van God, door de zonde in hun hart. Mensen waren afhankelijk van woorden van God die opgeschreven waren
op stenen tafelen en op papieren rollen. Nu niet meer.
Nu leven we in het verbond van Gods Geest, waarin het kenmerk is dat we niet langer moeten leven naar wetten en regels die opgeschreven zijn, maar dat we mogen leven door de Geest van God die in en bij ons is (Galaten 5:25).

Het verlangen van God om tot ons te spreken wordt in dit nieuwe verbond zeer goed duidelijk als je kijkt naar wat de Geest van God doet in de kerk:
Hij geeft ons zijn bovennatuurlijke gaven (1 Kor. 12-14).
De Bijbel zegt dat er één gave is die veel belangrijker is dan alle andere.

Welke gave is dat? De profetie!
Het persoonlijke, letterlijke, plaatselijke spreken van God.
De stem van God temidden van zijn volk (1 Kor. 12-14:5).

Deze gave is zelfs zo krachtig, zegt Gods Woord dat het mogelijk is, om ongelovige bezoekers met deze gave te doorlichten, ze te laten zien dat God hun hart kent en ze zo op hun knieën te krijgen voor God.

Dat is de kracht van deze gave.

‘Jaag de liefde na en streef naar de geestelijke gaven, maar vooral naar het profeteren’, zegt God in zijn Woord (1 Kor. 14:1). Wat een opdracht.
Dit maakt duidelijk hoe sterk Gods verlangen is, om heel persoonlijk tot ons te spreken,
middenin onze specifieke levens en omstandigheden.

God wil niet dat we leven als mensen die onder het oude verbond staan, mensen die afhankelijk zijn van een geschreven wet. Alles wat Gods Woord ons leert, wijst naar deze ene werkelijheid: Gods verlangen om persoonlijk en actief aanwezig te zijn onder zijn volk (Ezechiël 36:26-28).

Kan een kind van God dus de stem van zijn hemelse Vader verstaan? Zeer zeker.

Dat is zelfs een basislering van het Nieuwe Testament, ofwel het verbond van de Geest.
Het zou trouwens absurd zijn als je wel de stem kunt verstaan van een ander mens die BUITEN je staat en niet in staat bent om de stem van GOD te verstaan die IN je is.

God is dichter bij ons dan wie dan ook.
Daarom is het maar meer dan normaal dat we zijn stem kunnen verstaan.

Hoe komt het dan dat er zo weinig mensen zijn die Gods stem verstaan?

Ik geloof dat dit meerdere redenen heeft.
De hoofdreden is wellicht dat we veel te druk zijn met ons eigen leventje, met onze eigen ‘christelijke’ bezigheden, met onze eigen bijbelstudie, met onze eigen kerkstructuren, met onze eigen verlangens.

Hoewel we zeer christelijk lijken aan de buitenkant, is ons hart niet op God afgestemd om echt naar ZIJN stem te luisteren. Door de drukte waarin we onszelf verstoppen, of waardoor we ons laten overweldigen elke dag, is ons hart niet op Gods stem afgestemd. Net zoals een radio die niet op de juiste frekwentie afgestemd is.

We stellen absoluut de verkeerde prioriteiten.

Hoe vaak horen we niet dat vergaderingen van kerkleiders voor 99 procent bestaan uit langdurig heen en weer praten en discussiëren en slechts voor 1 procent (als het al zoveel is) uit gebed?

Dat is nogal een verschil met wat Gods eerste apostelen ons als voorbeeld gaven: zij waren elke dag bij elkaar en baden samen, vaak met vasten erbij, om zoveel mogelijk van God te kunnen ontvangen. Als zij iemand inzegenden in een functie, vastten en baden ze samen.

God stond daar pas echt op de eerste plaats.

In onze huidige wereld is het dan ook van het allergrootste belang dat we leren om
tijd te nemen met God. Om stil te worden voor God.Om andere zaken opzij te zetten, om ons hart op Hem alleen af te stemmen. Want het verstaan van Gods stem kan pas beginnen, als we leren om alle andere stemmen, inclusief die van onszelf tot stilte te brengen.

God wil tot ons spreken. Van het begin van de Bijbel tot de laatste bladzijde, is dat overduidelijk. Of wij Hem kunnen horen, is echter een zaak die van ons afhangt. Want God spreekt. Hij heeft nooit opgehouden te spreken.

Sommigen menen dat God heeft opgehouden met spreken toen Jezus Christus kwam.
Niets is minder waar. Want in Handelingen, toen Jezus alweer vertrokken was, is God nog steeds aan het spreken, door zijn Geest. Hij leidt de discipelen in wat ze moeten doen en Hij moedigt ze zelfs aan om zich uit te strekken naar zijn profetische gaven!
Ook in de verdere brieven van de apostelen wordt overvloedig gemaakt van Gods spreken. Petrus schrijft bijvoorbeeld: ‘Voert iemand het woord, laat God het dan zijn die door hem spreekt’ (1 Petrus 4:11).

Het kennen van God, waarover in de brieven van de apostelen sprake is, is geen kennen
door verstandelijke informatie op te slaan, maar is een persoonlijk, relationeel kennen. Paulus schrijft dat het persoonlijk kennen van Jezus Christrus hem alles te boven gaat.

Hoe zou deze man van God ooit zijn Heer kunnen kennen, als het absoluut onmogelijk zou zijn om Zijn stem te horen?
Dat zou elke vorm van relatie totaal uitsluiten.

Hetzelfde geldt voor ons.

Als God inderdaad voor eens en voorgoed zijn mond heeft gesloten sinds de komst van Jezus Christus, zou het voor geen enkel mens op aarde ooit meer mogelijk zijn om een band met God te krijgen.

Want een relatie bestaat altijd uit communicatie.

Daarom is het tegenstrijdig om te stellen dat God niet meer tot ons spreekt, en tegelijkertijd instemmen met Gods Woord dat zegt dat we ons moeten uitstrekken naar de profetische gaven, naar het geleid worden door de Geest en naar het ontwikkelen van een persoonlijke relatie met Jezus Christus.

Het spreken van God houdt nooit op,
want Hij is een vriend van iedereen
die hem werkelijk liefheeft.


Een kenmerk van vrienden is dat ze alles met elkaar delen. daarom zeggen de Psalmen ook: ‘Gods vertrouwelijke omgang is met hen die Hem vrezen’.

Als kinderen hebben we het voorrecht om vrijuit bij God in en uit te mogen wandelen.
Het begin om een echte relatie met God te kunnen ervaren, waarbij we niet enkel spreken, maar ook zijn stem leren herkennen, is weten dat God echt in en bij ons is
en ernaar verlangt om deze relatie met ons te ervaren.

Strek daarom je hart uit naar de aanwezigheid van je God en Vader en leer tijd nemen om echt lang bij Hem te zijn. Dan kan Hij je hart tot rust brengen en dan kun je in de stilte en in het kinderlijk overgeven van al je eigen inzichten en kracht, leren wat het is om door God Zelf onderwezen te worden, zoals Johannes zegt in zijn brieven (1 Johannes 2:27).

God is geen verre vreemde, Hij is geen zwijgend standbeeld.
Hij is onze Vader, onze Vriend en onze Helper, die ons in alles heel persoonlijk wil en kan bijstaan met raad en daad.

Hij verlangt naar een intense vriendschapsband met ons allemaal. Dat kan enkel als we tijd en moeite nemen om te leren zijn stem te verstaan.


David Sörensen.

 

 

 


Report Content · · Web Hosting · Blog · Guestbooks · Message Forums · Mailing Lists
Easiest Website Builder ever! · Build your own toolbar · Free Talking Character · Email Marketing
powered by a free webtools company bravenet.com