|
|

Het is volbracht riep Jezus luid
en toen de stilte van de dood....
een lange, donk're nacht...
daarna het morgenrood.
Maar toen, ineens, de derde dag
de steen was weg,
het graf was leeg!
Het is volbracht!
Ja, Jezus leeft.
Ten einde is de donk're nacht.
Glorie aan Hem,
die ons het leven bracht.
Zie, het graf is leeg
In Joh. 20 lezen we dat Maria naar het graf van Jezus ging en zag dat de steen was weggerold.
Nadat ze de discipelen hiervan op de hoogte had gesteld, kwamen ook zij kijken, want ze geloofden haar niet. Toen ze met eigen ogen zagen dat Maria de waarheid had verteld, gingen ze weer naar huis. Maar Maria bleef dicht bij het graf en weende. Toen zag ze iemand staan, maar door haar tranen zag ze niet dat het Jezus was. Ze dacht, dat het de tuinman was en vroeg of hij wist waar ze Jezus neergelegd hadden. Toen zei Jezus:"Maria!" Zij zei tot Hem: "Rabboenie", dat wil zeggen: "Meester!" Toen wist ze: Jezus is niet dood, Hij leeft!
U zij de glorie, opgestane Heer!
U zij de victorie, nu en immermeer.
Uit een blinkend stromen,
daald' een engel af,
heeft de steen genomen
van 't verwonnen graf.
U zij de glorie, opgestane Heer!
U zij de victorie, nu en immermeer.
Ziet Hem verschijnen, Jezus onze Heer!
Hij brengt al de zijnen in zijn armen weer.
Weest dan volk des Heren,
blijd' en welgezind,
en zeg telkenkere: Christus overwint!
U zij de glorie, opgestane Heer,
U zij de victorie, nu en immermeer.
Zou ik nog vrezen, nu Hij eeuwig leeft,
die mij heeft genezen, die mij vrede geeft?
in zijn godd'lijk wezen is mijn glorie groot,
niets heb ik te vrezen in leven en in dood.
U zij de glorie, opgestane Heer,
U zij de victorie, nu en immermeer.

bravenet.com